Aan het woord...

EEN LAAT ONTLOKEN LIEFDE………….

Het is haast een parodie op het bekende gedicht van onze dichter Willem Kloos, één van onze litteraire Tachtigers, die “weende over een in de knop gebroken liefde, die voor de ochtend van haar bloei verging”. Ook ik ben (nu) een tachtiger, zij het in de meest alledaagse en platvloerse betekenis.  Mijn liefde voor het schilderen ontstond weliswaar in mijn vroege jeugd, waarin ik mijn vader in zijn vrije tijd met passie en plezier het ene mooie schilderij na het andere met olieverf en penselen zag vervaardigen, maar kwam pas tot emotionele bloei toen mijn persóónlijke bloei reeds aan het vergaan was . Mijn vader was – vlak voordat de Japanse oorlogsmachine het ’Paradijs van mijn jeugd’ overhoop gooide  - schoolhoofd van een lagere school in een klein plaatsje in de z.g. ‘Buitengewesten’ van het voormalig Nederlands Indië en ik had het ‘voorrecht‘ om daar één van zijn leerlingen te zijn. ’s Woensdags, van half 8 tot 11 uur, onderbroken door een pauze van een half uur  (onze schooluren waren van half 8 tot 13 uur, dus niet hetzelfde als die in Nederland) stond “Tekenen”  op het lesprogramma. In die uren mochten wij vrij grasduinen in een grote collectie tubes Plakkaatverf en kregen we penselen tot onze beschikking. Daarmee konden we – onder zijn bezielende leiding - relatief vrij onze gang gaan. Al waren er wel tekenvoorbeelden en kregen wij waardevolle adviezen van mijn vader, die ongetwijfeld ons enthousiasme in goede banen leidde.

Daaraan kwam definitief een einde toen op 8 december 1941 de Tweede Wereldoorlog ons leven ging bepalen. 

Mijn “liefde voor het schilderen” verging niet in haar “bloei”, hij kwám zelfs niet tot bloei! Oorlog en bezetting en daarna nog vele andere gebeurtenissen bepaalden mijn verdere leven, totdat ik in de tachtiger jaren van de vorige eeuw in Zuid Frankrijk in aanraking kwam met het ‘schilderen op zijde’. Die prachtige kleuren in de Mediterrane zon betoverden me! En deden me verlangen ze onderdeel te maken van mijn leven in de gematigde ‘kleurenzône’ van het land waar ik woon. 

Tot mijn grote vreugde bleek het beoefenen van deze kunst ook in ons land mogelijk, in Leidschendam op de Vrije Academie waar we met een begeesterd clubje (waar ook Trees Hoobroeckx toe behoorde) de ene lap zijde na de andere met de fantastische kleuren van de zijdeverven mochten en konden beschilderen! 

Het was al een pure verrukking om deze kleuren op een vochtige ondergrond nonchalant in elkaar te laten overlopen , want het effect was elke keer een complete verrassing! Maar we leerden er om de gemakkelijk uitlopende zijdeverf - zonder de hinderlijke lijntjes van serti of gutta - naar onze hand te zetten en in een extra cursus kregen wij de kans om ons de fijne kneepjes van het ‘Ontwerpen’ eigen te maken. Het was een heerlijke tijd, die ik later op het CKC in Zoetermeer kon voortzetten, toen in 2001 deze Vrije Academie vestiging ophield te bestaan. Wij trokken met een klein clubje naar het CKC in Zoetermeer, waar  – “o, vreugde” –  Annelies de Graaf onze kleinkunst-aspiratie(s) leiding ging geven.

Annelies, die de bezielende factor was (en is) van cursussen, waarin ‘textiel’ een hoofdrol heeft.

In tegenstelling tot de cursus die ik aan de Vrije Academie in Leidschendam volgde, waar letterlijk alle cursisten zich bezighielden met het schilderen op zijde, wordt er bij Annelies aan vele projecten van uiteenlopende aard gewerkt en is er een grote variatie aan materiaal voorhanden. Ook ik heb me een enkele keer gewaagd aan het vervaardigen van een voorwerp met een kunstzinnige toets, zoals een lampenkap of een waaier. Maar het schilderen op zijde is al die jaren toch mijn grote liefde gebleven.

Maar enkele jaren geleden introduceerde Annelies bij ons een Japanse afbind-techniek, met fascinerende effecten, Shibori geheten, die zijn oorsprong reeds in de 6de of 7de eeuw heeft.

In zijn opperste vorm werd deze kunst gebruikt voor de meest kostbare zijden kimono´s, die met een grote variatie aan verschillende afbindtechnieken en verfmethoden voorzien werden van de prachtigste landschappen en kunstzinnige figuren. Daarbij vergeleken is de manier waarop wij Shibori toepassen slechts frõbelwerk, maar de fascinatie is er nauwelijks minder om. Gedompeld in een indigo-blauw verfbad kunnen met een goed toegepaste manier van afbinden interessante figuren ontstaan, omdat de zijde of katoen op de plaatsen waar de rijgdraden gezeten hebben de oorspronkelijke kleur (dus meestal wit) behoudt. Dit werken naar Japanse ideeën had bovendien op mij een enigszins therapeutisch effect. Want het verbaast mij de laatste jaren steeds weer, hoe een volk dat door zijn willekeur en wreedheden mijn jeugd en de levens van miljoenen anderen zo negatief heeft bepaald, in staat blijkt te zijn tot zoveel verfijnde kunstuitingen! 

Hieronder een foto van een shawl in een kleurige Shibori-techniek.

in de nog afgebonden fase.

In de nog afgebonden fase.

fase met rijgdraden er uit.

Fase met rijgdraden er uit.

De periode van ongeveer 32 jaren, die ik mij met het schilderen op zijde bezig heb gehouden, heeft niet alleen een flink aantal meer of minder geslaagde schilderijen, shawls en een enkele blouse opgeleverd, maar eveneens een goed gevulde lappenmand met kleurige, minder bruikbare of mislukte, zijdefragmenten. Een enkele keer bleek deze verzameling van zijden lapjes goed van pas te komen als er een klein werkstukje (zoals een bijzondere wenskaart) gefabriceerd moest worden, maar voor het merendeel was er weinig perspectief. Vaag schoot zo nu en dan de gedachte door me heen, dat van al die stukjes zijde misschien wel een bepaald soort lappendeken gefabriceerd zou kunnen worden, maar de enorme variatie aan kleuren en motieven van mijn restmateriaal, leken die toepassing in de weg te staan.

Heel diep had ik er nog niet over nagedacht, toen Annelies op een bepaald moment ons een boek liet zien, met een voorbeeld van een bepaalde Japanse techniek, ‘Shiku Shiku’ genaamd, waarbij rechthoekige of vierkante lapjes zijde van verschillend formaat en aanzien met een kleurige, grove, rijgsteek op een stevige ondergrond worden bevestigd. Een lappendeken, maar minder mathematisch van opbouw- en dus iets grilliger van aanzien - dan die van een meer Westers origine. “Dát is het!”, schoot het door me heen en ik raakte weer geheel vervuld van het enthousiasme dat in het verleden zo vaak bij mij het zijdeschilderen had bepaald. Het leek me een waardevolle, niet alledaagse, oplossing voor al dat kleurige materiaal, waar geen zinnige toekomst voor leek te bestaan, maar dat ik ook niet weg wilde gooien.

Zoals altijd waren het ook nu weer de praktische en artistiek-kundige ideeën van Annelies, die de eerste ‘vorm’ gaven aan dit nieuwe en – voor mij ongewone – werkstuk. Al snel bleek , dat ik aan een zeer arbeidsintensief project was begonnen, niet in het minst door mijn besluit om elk lapje afzonderlijk om te rijgen, zodat geen rafels kunnen ontstaan aan de lap, die –wie weet - ooit als sprei van 2½ bij 3 meter ons echtelijk bed zal bedekken. Dit ‘rafelloze’ is dus in tegenstelling tot de oorspronkelijke opzet, zoals aangegeven in het betreffende boek. 

 

Maar enig geduld kan mij niet ontzeg worden en aan dit werkstuk kan ik mijn hele verdere leven wijden. Een schone, haast literaire, gedachte – een tachtiger-van-jaren niet onwaardig!

Renée Y. van Wijk – Rusche. 

Black background overlay

Je aanmelding is succesvol verstuurd.
Je ontvangt nog een bevestiging per e-mail.